9. Stoppen sondevoeding

Stoppen met sondevoeding

Bepaal wanneer de sondevoeding afgebouwd of gestopt kan worden.     

Het starten van sondevoeding impliceert ook het bewust stoppen of afbouwen van sondevoeding door het behandelteam. Zie stap 11 wanneer het mogelijk is orale voeding op te gaan bouwen. Bij een palliatieve behandeling is het nodig om regelmatig te evalueren of de sondevoeding nog passend is bij de behandeldoelen.  

Overwegingen voor het verwijderen van de sonde na overleg met diëtist en arts: bijv. bij een periode zonder het gebruik van sondevoeding is er goede eetlust en geen gewichtsverlies. Als een cliënt een neus-maagsonde heeft kan er voor worden gekozen deze (na het stoppen) nog een paar dagen te laten zitten om de verbetering van de orale intake aan te zien.. Ook kan het herplaatsen na verwijdering van een sonde worden uitgesteld om een goed beeld te krijgen van de intake zonder sondevoeding. Soms kan juist het aanwezig zijn van de neus-maagsonde de uitbreiding van orale voeding in de weg staan. Bij een PEG-sonde kan er wat langer worden gewacht met verwijdering en zal er ook een afspraak voor verwijderen gemaakt moeten worden bij de afdeling endoscopie (niet nodig bij ballonkatheters).

Copyright ©2013 stuurgroep ondervoeding Ontwerp:Webspinnerij